›› Varia

Rechtspraak en vergeving

rechters

 

[In het Engels verschenen als voorwoord in J.Claessen Forgiveness in Criminal Law through incorporating restorative mediation, 15 Oct 2017, Oisterwijk: Wolf Legal Publishers116 p.

 

Rechtspraak is niet alleen één van de pijlers van de democratie, het juridische proces en de uitspraak hebben ook grote gevolgen voor de dader. En voor het slachtoffer. In deze monografie houdt Jacques Claessen een krachtig pleidooi om het slachtoffer in de rechtspraak een plaats te geven, opdat bij de strafbepaling ook de mogelijkheid en waarde erkend wordt van het eventuele berouw van de dader en vergevingsgezindheid van het slachtoffer.

Maar berouw en vergeving zijn lastig te definiëren, dus zijn ze ook ongemakkelijk voor de jurist. De auteur geeft vele voorbeelden. En op een bepaalde manier maakt hij het de lezer moeilijker als hij stelt: ‘Zelf ben ik overigens van mening dat vergeving in zekere zin wel een religieuze ervaring is.’ Niet iedereen is gelukkig met het domein van de religie. In naam van de religie werden en worden afschuwelijke vonnissen geveld.  Religie is echter een ambivalent gebied. Er zijn religieuze auteurs of leraren –sommigen hebben nooit een woord op geschreven- waarvan de uitspraken de moeite waard zijn. Onder de religieuzen zijn het de mystici, ervaringsdeskundigen bij uitstek, die inzichten formuleren, die baanbrekend zijn en nog eeuwenlang kunnen natrillen. Hun woorden lijken van heel ver te komen, uit een gebied waar het intellect moeilijk toegang toe heeft. Hun woorden zijn vaak bondig, klinken hard, ongenuanceerd en stellen de hoorders voor een onmogelijke opgave. ‘Bemin uw vijanden’, zegt Jezus. ‘God laat de zon schijnen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen.’ Leuk om te weten, maar wat kan iemand er mee die in een positie geplaatst is waar hij over goed en kwaad moet oordelen – en wie is dat bij tijd en wijle niet! Claessen citeert Bisschop Tutu: ‘Er is niets dat niet vergeven kan worden’. Jezus zegt: je moet je broeder zeventig maal zeven keer vergeven, en voegt er tenminste nog een voorwaarde toe: mits hij berouw heeft. Dat verzacht wellicht de onmogelijke eis: altijd vergeven.

Dit zijn boodschappen die de seculiere wereld openbreken.

Waar komt berouw vandaan? In de mystiek geldt berouw als een belangrijke spirituele kracht voor bevrijding. Berouw doet zich voor op niet te onderdrukken wijze en schuurt en schrijnt, soms zeer lange tijd.  Niemand die berouw kan tegenhouden. Niemand die berouw kan opleggen.

En waar komt vergeving vandaan?  Vergeving is niet afdwingbaar, lees ik in dit boek. En ook: vergeving is ‘ a fairly open-ended concept’. Hier verdrinkt het intellect. Wellicht geldt hier wat Pascal ooit schreef: het hart heeft zijn redenen die het verstand niet kent.

Wie echter durft te luisteren naar deze onrustmakende boodschappen en de moed heeft dit onbegrijpelijke even voorrang te geven boven al het stellige weten, voelt dat zich hier een waarheid opdringt, zij het niet een objectief vaststelbare.

Er zijn begrippen die bij nadere beschouwing geen bodem blijken te hebben, al gebruiken we hen nog zo vaak en met een zekere vanzelfsprekendheid. De Franse filosoof Jacques Derrida, die grote interesse had in de mystici, wijst op het woord rechtvaardigheid.

‘Rechtvaardigheid is een ervaring van het onmogelijke. Een aporetische ervaring, dat wil zeggen: zonder oplossing, zonder uitweg, zonder antwoord.  Zij is oneindig, onberekenbaar, zich verzettend tegen regels, tegengesteld aan de wet. Zij is een gave zonder teruggave. Zij is een dwaasheid, misschien een ander soort mystiek. Maar zonder deze dwaasheid is er wellicht geen rechtvaardigheid. ‘

We moeten oordelen en rechtspreken. Want oordelen is een verschrikkelijke plicht van ons menselijk bestaan. En misschien dat de erkenning van de grondeloosheid en onpeilbaarheid  van rechtvaardigheid ons helpt te oordelen in alle vrijheid en ons ervan weerhoudt alleen maar wetten en regels toe te passen.

De zentraditie kent een koan die mij zeer dierbaar is. Een koan is een woord, een zinnetje of een verhaal, dat door er mee te werken mij helpt inzicht te verkrijgen. Een zenmeester zei tot zijn leerling: ’Ik doe altijd twee dingen tegelijk, ik zie en ik zie niet.’ ‘Dat is toch onmogelijk,’ zei de leerling. ‘Nee, dat doe jij ook. Als ik je een klap geef met mijn stok, voel jij dan pijn of geen pijn?’ ‘Allebei,’ zei de leerling. ‘Nou, zo zie ik en zie ik niet.’ ‘Maar wat ziet U dan wel en wat ziet U niet?’ De leraar antwoordde: ‘Ik zie wel mijn eigen fouten, maar niet de fouten van anderen.’

Hoe is het mogelijk niet de fouten van anderen te zien? Als leraar moet ik mijn leerlingen op hun fouten wijzen, ook al ben ik zelf een feilbaar mens. Ook al is het een onmogelijkheid dit te realiseren, de beoefening de fouten van anderen niet te zien en wel mijn eigen tekortkomingen, maakt mij misschien rechtvaardiger en vrijer om te oordelen. Wie weet.

Met dit aanbevelend woord heb ik willen tonen,  dat dit essay mij  raakt en mij te denken geeft. Het leidt mij opnieuw tot zelfonderzoek en dat is het mooiste wat een tekst mij kan brengen. Ik hoop dat deze monografie zijn weg vindt niet alleen naar juristen, maar naar iedereen die de wens koestert een rechtvaardig leven te leiden.